Nieuws uit de boekwinkel

Poëzie houdt niet op bij de Poëzieweek

 

Woensdag 4 januari was de laatste dag van de Poëzieweek 2026. In onze boekwinkel gaan we door en doen er nog een schepje bovenop. Poëzie die het onzegbare kan zeggen, en helpt waar gewone woorden te kort schieten verdient permanent aandacht. Kom binnen, loop naar de tafel met gedichtenbundels en ga zonder aarzelen met Wislawa Szymborska’s ‘Een titel hoeft niet’ naar de kassa. Het is een selectie van haar in totaal vierhonderd gedichten, uitgezocht en toegelicht door dichter Tjitske Jansen, die al haar hele leven fan van Szymborska is. Het moet wel erg gek lopen als je na lezing van Jansens voorwoord en de dertig geselecteerde gedichten niet terugkomt naar de boekwinkel en ook ‘Einde en begin’ koopt, Szymborska’s verzamelde vierhonderd gedichten.

 

Mozart van de poëzie

Szymborska, winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur in 1996 verbindt zonder moeite het grote met het kleine. Nieuwsgierig, geestig, wijs en scherp laat Szymborska zien wat leven en wat poëzie is, zonder dat het geheel te zwaar wordt. Humor is namelijk onvermijdelijk. Zoals Jansen zegt: “als je goed kunt observeren én je bent slim, dan kan het haast niet anders dan dat het humor tot gevolg heeft.” De lichtheid van haar poëzie blijkt eveneens uit het juryrapport van het Nobelcomité waarin zij de Mozart van de poëzie wordt genoemd.

 

Wat is poëzie eigenlijk?

De lichtheid van Szymborska gaat wel gepaard met twijfel, het niet weten. Iets waarvan het vandaag de dag fijn is als meer mensen er last van zouden hebben. Die twijfel gaat zelfs zover dat dit zelfs betrekking heeft op haar core business, de poëzie. Onderstaand gedicht komt uit ‘Eind en begin’.

 

Sommigen houden van poëzie

Sommigen –

ofwel niet allen.

Zelfs niet de meerderheid van allen, maar de minderheid.

De school waar het moet en de dichters zelf

niet meegerekend,

zullen dit er ongeveer twee op de duizend zijn.

 

Houden van –

maar van kippensoep met vermicelli kun je ook houden,

en van complimenten en de kleur blauw,

van een oud sjaaltje,

van je verzetten,

van de hond aaien.

 

Poëzie –

alleen, wat is poëzie eigenlijk.

Op deze vraag is al

menig weifelend antwoord gegeven.

Maar ik weet het niet en daaraan houd ik me vast

als aan een reddende leuning.

 

Drie zesregelige strofes; de eerste regels ervan vormen de titel van het gedicht. In het eerste stelt ze vast dat twee op duizend mensen van poëzie houden. Me dunkt dat we in de abdij toch tot een beter getal moeten kunnen komen… Het niet weten verwoordt Szymborska ook prettig laconiek in een interview: “In Amsterdam had ze een goede kennis, vertelde ze, ,,ik heb hem een paar keer opgezocht. U zult hem wel kennen: Vermeer! Die bewonder ik. Waarom? Ach, wat kunst met je doet kun je niet uitleggen. Die melk die daar al zo’n 300 jaar zo mooi uit dat melkkannetje stroomt, dat licht, die kleurrijke gordijnen.”

 

De vrouw van Lot

Ook de bijbel kent niet-weten. Op één plaats komt de vrouw van Lot voor, in Genesis 19: 26. Zij mocht zich niet omdraaien, maar ze “keek om en veranderde in een zuil van zout. Waarom, waarom? Het antwoord is niet in de bijbel te vinden. Je kunt er wel veel bij bedenken. Szymborska doet een poging. Verwezen zij naar het gedicht ‘de vrouw van Lot’ in ‘Een titel hoeft niet’. Voor de volledigheid: Lucas 17:32 kent wel een korte verwijzing als Jezus zegt: “Denk aan de vrouw van Lot”.

Tot slot

‘Een titel hoeft niet’ is een mooie opmaat naar ‘Einde en begin’ dat niet in de binnenzak past maar wel een ereplaats verdient in eenieders huis.

Michiel Oosschot

 

Download hier een overzicht van de nieuwe aanwinsten van afgelopen maand! 

 

Einde en begin, uitgever Meulenhoff, € 29,99
  • Een titel hoeft niet, uitgever De Geus, € 18,99

 

 

 

Volgend artikel Bekijk het overzicht
Agenda
3 Activiteiten
Bekijk alle
Gastenverblijf
Een plaats van gebed en ontmoeting, van rust en stilte, waar iedereen zich thuis mag voelen en op adem mag komen.
Meer informatie