Willibrord 7 november 2020

Willibrord 7 november 2020

In Utrecht staan twee grote ruiterstandbeelden van de kunstenaar Albert Termote. Het ene paard draagt Sint Willibrord op zijn rug en het andere Martinus. Twee mannen , twee monniken ook, die een  belangrijke rol hebben gespeeld bij de kerstening van Europa, de een meer in het zuiden, de ander in het noorden.

Vandaag vieren we Willibrord, volgende week is het de beurt aan Martinus. Als je er bij stilstaat dat ze hun reizen te paard hebben gemaakt, dan besef je dat je een andere tijd betreedt. Niet de tijd van techniek, snelheid en drukte, maar de tijd van geduld en van stilte. Je kon nog de vogels horen en het waaien van de wind zoals ons dat tot onze verbazing overkwam tijdens de eerste coronacrisis. De stille straten in Amsterdam  en elders in het land.

Er was nóg een verschil met onze tijd. Beide mannen waren nog werkzaam in de ene ongedeelde kerk in het westen. En het was de tijd van opbouw en groei. Overal verrezen er kerken, werden er christelijke gemeenschappen gesticht en op tal van plaatsen werden kloosters gesticht.

Wij, wij leven in een andere tijd. De snelheid van het leven heeft ons ingehaald en het kan niet snel genoeg gaan, met alle gevolgen vandien. Dat heeft zijn weerslag op de menselijke contacten. Daarvoor hebben we nauwelijks nog tijd, en ook daar leert corona voor wie attent is, ons een les. En de stilte is zo kostbaar en zeldzaam geworden, dat we geen oren meer lijken te hebben voor wat er werkelijk toe doet.

Misschien moeten we eens een meditatie wijden aan Willibrord en Martinus te paard. Het waren geen renpaarden en ook geen dressuurpaarden. Willibrord zit in Utrecht op een fors en bonkig paard, geschikt voor het zware en langdurige werk. Dat is een heel ander vervoermiddel dan de hedendaagse auto. Het gaat niet alleen veel langzamer maar je bent ook onderweg met een levend wezen, dat je een heel andere kijk en omgang met de wereld leert dan de snelle techniek van vandaag. Willibrord te paard.  Nog voor een woord te spreken leert hij ons in een andere versnelling over te stappen, een die de mensenmaat kent en je stapvoets doet gaan waardoor je weer oog en oor kunt krijgen voor wat er om je heen en in je zelf gebeurt en leeft, en waar je ten diepste toe bent groepen..

Willibrord, herder en leidsman ten leven, pelgrimeerde vandaag naar het hemelse vaderland. Zo zingen wij vandaag in een van de antifonen. Pelgrim te paard of te voet, een leven lang, met rustpauzes in het door hem gestichte klooster Echternach of in Utrecht waar zijn bisschopszetel stond. Onderweg als herder en leidsman, prekend en schrijvend, besturend en biddend.

Want herder en leidsman, gids wilde hij zijn. Daarvoor had hij Engeland en later Ierland verlaten, overstekend naar het land van de Friezen. En als wij hem vandaag gedenken, dan is het niet uit historische belangstelling, maar omdat wij ook nu nog in hem de herder van de kerk in onze streken herkennen.

Herder en leidsman is hij nog steeds. Maar wie waagt zich in onze tijd nog aan de verkondiging vaan het evangelie bij alle tegenweer zowel uit de samenleving als uit de kerk zelf, waar het ene schandaal het andere opvolgt? Waar begin je aan? Voor Willibrord was dat geen vraag of juister hij werd niet bewogen door wat de buitenwereld zei of deed, maar hij werd gedreven door een innerlijk vuur. Dat zette hem aan om toch te gaan al had hij voor zijn ogen gezien hoe zijn leermeester Egbert onverrichterzake was teruggekeerd van zijn poging Frisia het evangelie te brengen. Uit welk hout moet Willibrord wel niet gesneden zijn – was het uit een stuk van het kruishout- of welke Geest moet hem wel niet hebben bewoond en aangevuurd dat hij de oversteek toch heeft gemaakt?

Zijn stap getuigt van geloof, van moed en innerlijke kracht. We herkennen in hem de bewogenheid van de apostel Paulus als hij zegt: “ de liefde van Christus laat ons geen rust sinds wij hebben ingezien dat één is gestorven voor allen”.

Is dat niet het hart van elke evangelieverkondiging? Dat je door de liefde van Christus bent geraakt en dat die je heeft doen verstaan dat we niet geschapen zijn om te leven ten koste van elkaar maar ten dienste van elkaar, dat wij geroepen zijn ons leven te geven voor de ander zoals Christus ons heeft voorgedaan. Hij die de kringloop van het kwaad heeft doorbroken door geen kwaad met kwaad te vergelden, die niet met gelijke munt heeft terugbetaald, maar ten einde toe heeft liefgehad al kostte het zijn eigen leven om zo alfa en omega, begin en einde te zijn van de nieuwe schepping.

Dat evangelie deed Willibrord de oversteek maken, dat deed hem te paard onze streken doorkruisen, om mensen te winnen voor Christus, voor de gemeenschap die leeft uit de Geest van de verrezen Heer. Elkaar bemoedigend, elkaar dragend en dienend in het vertrouwen dat God met ons gaat.

Willibrord, herder en leidsman van de ene en onverdeelde kerk. Daarom is hij op het ruiterstandbeeld afgebeeld als monnik en niet als bisschop. Met dat paard hadden de broeders en zusters uit de reformatie in 1947 geen moeite, maar met een Willibrord in bisschopsdracht, dat lag nog buiten het zicht van de oecumene. Dat is inmiddels ook anders, godzijdank.

Wij leven helaas nog niet in de ene onverdeelde kerk in het Westen. Maar laten we bidden en hopen dat we het in onze dagen nog mogen meemaken, dat allen samen aanzitten aan de tafel des Heren.

Zo dadelijk zal Jasper Wessels worden opgenomen in de rooms katholieke kerk en het vormsel ontvangen, het zegel van de Geest. Die stap betekent voor hem en voor onze gemeenschap niet dat hij de kerk waarin hij is groot gebracht de rug toekeert, maar hij neemt al het goede uit zijn kerk mee naar de katholieke kerk zodat wij hier samen verder mogen groeien naar de ene onverdeelde kerk. Elkaars rijkdom moge ons helpen het evangelie met het vuur van het begin te beleven in het spoor van Willibrord. Niet te paard, maar wel met gelijke tred. AMEN.

Nieuwsbrief

Schrijf u vrijblijvend in en blijf op de hoogte van de activiteiten van Abdij van Egmond.

We respecteren uw privacy. Sint-Adelbertabdij zal uw e-mailadres nooit delen met derden.
© 2024, Abdij van Egmond Algemene voorwaarden