Preek kerstnacht 2023

20231225 Kerstnacht

 

Het is vannacht op de kop af 800 jaar geleden dat Franciscus van Assisi de eerste kerststal liet opzetten. Die was overigens veel bescheidener dan wat wij nu her en der zien. Maar met dat initiatief was hij een nieuwlichter en een gangmaker, want na hem is het nooit meer opgehouden. En elk jaar worden wereldwijd ontelbare kerststallen geplaatst op de meest verschillende plekken om de geboorte van Jezus in beeld te brengen.

Is Franciscus daarmee ook de voorloper en uitvinder van de hedendaagse beeldcultuur? Dat valt te betwijfelen. De huidige beeldcultuur met zijn kostbare game industrie zoekt het in de virtuele wereld, terwijl Franciscus van Assisi er juist op uit was door te dringen in de reële wereld, de rauwe werkelijkheid van ons alledaags bestaan, waarin Jezus mens wordt. Franciscus laat Giovanni een os en een ezel in die eenvoudige grot in Greccio brengen, omdat hij met al zijn zintuigen wil proeven, ruiken en aanraken tot wat voor een diepte en armzaligheid God is afgedaald in de menswording. Dat is heel iets anders dan vluchten in een virtuele wereld. Nee, Franciscus van Assisi wilde niet alleen met zijn hoofd het evangelie van Gods menswording horen, hij wilde het voelen tot in zijn botten. Heel zijn persoon, hoofd, hart, handen, neus en voeten wilden er deel aan krijgen. En die os en ezel lieten hem ruiken tot wat voor een miserie God was afgedaald. En dat aanschouwelijk onderwijs  maakte grote indruk, niet alleen op Franciscus en zijn medebroeders ie erbij waren, maar ook op de dorpelingen die er in die kerstnacht van het jaar 1223 een lastige klim  voor overhadden om bij de grot te komen. Dat was heel wat anders dan een kerststal opzetten in een knusse en warme huiskamer.

Gods menswording in een stal, in een grot, het was de dwaasheid ten top en Franciscus heeft dat heel goed begrepen. Hij wilde er zich mee vereenzelvigen, dat geheim moest vlees en bloed worden van zijn eigen leven om zo te leren wat het zeggen wil zo goed als God te zijn.

Franciscus laat ons met zijn kerststal een kostbaar geschenk na. Hij helpt ons om niet op afstand te blijven, maar van dichtbij het geheim van de menswording te overwegen. Een menswording die niet in een stad of kostbaar paleis begint, maar op een plek buiten aan de rand van de samenleving zoals dat leven ook niet zal eindigen in de stad van de grote koning, Jerusalem, maar er buiten op de plek waar misdadigers worden terechtgesteld. God komt niet met macht en majesteit. Die zijn in dit ondermaanse al te vaak geen openbaring van leven en vrede maar van het tegendeel. Gods menswording toont ons een kwetsbare God, een die zich niet opdringt, maar zich aandient als een belofte van leven, een weerloos kind dat geschiedenis met ons wil schrijven.

Kerstmis, broeders en zusters,  is het verhaal van Gods dwaasheid  ten top. Was hij geboren in een paleis of in een stad, dan zouden de armen en wij gewone mensen, de uitgestotenen kunnen denken dat zij te min waren, niet in tel en niet gezien. Maar nee, Gods menswording toont ons in levende lijve dat God mens geworden is omdat alle mensenkinderen hem ter harte gaan. Hij is een van ons geworden en niemand is daarvan uitgesloten. Alles wil Hij met ons mensen delen, onze miserie en onze vreugde om zo de weg met ons te gaan. Niet gedreven door afgunst, hebzucht en  macht, maar bewoond en bewogen door de levensadem van God zelf, die geeft, vergeeft en leven schept en herschept. Zo zal dat kind zich gaandeweg laten kennen. Niet zoals de oude adam die telkens weer zich het leven probeert toe te eigenen, die meent dat God en de naaste een concurrent zijn die je moet overtroeven of uitschakelen. Dit weerloze kind in de kribbe zal ons op zijn levensweg tonen dat God één zwakheid heeft. Hij kan het niet laten te beminnen, want alleen zo kan wat verdeeld is éen gemaakt worden, alleen zo kan de vrede waarvan de engelen zingen vaste voet krijgen op de aarde.

Wij komen vannacht samen rond de kribbe, wij zijn samen in de stal van de Heer, in zijn kerk. Dat is vanaf het eerste uur een plek waar iedereen welkom is. De boodschap van de engelen is gericht aan mensen die gewoonlijk niet de eersten zijn om een uitnodiging te krijgen. Integendeel, in de samenleving tellen zij niet mee, worden ze niet gehoord en hun plek is buiten. Maar God kent geen gunstelingen. Wij allen zijn Gods kinderen en het kind in de kribbe voorop. Vanaf zijn geboorte  wordt ons getoond dat de stal geen deuren kent die voor deze of gene worden gesloten. Hier ligt een kind in de kribbe dat met open armen ons de onvoorwaardelijke liefde van God wil geven, maar dat met zijn open armen ook vraagt om onze liefde. Het evangelie nodigt ons uiteen thuis te bieden aan al Gods kinderen, klein en groot, mensen van binnen en buiten, niemand uitgezonderd, niemand buitengesloten. Wij allen krijgen een plaats in de stal van het leven rond hem die in de kribbe ligt als eersteling van heel de schepping, als licht voor de wereld. Hier wordt ons getoond hoe mens te worden. Blijf nog even in de stal en laat het kind ons hart bewonen en leren wij in woord en werk, in lied en leven bewerkers van vrede te worden.

800 jaar geleden liet Franciscus de kerststal opzetten om het geheim van de menswording nabij te brengen. Het werd een dag, zo zegt de geschiedschrijver, die van hem een kind maakte, een Godskind zoals het kind in de kribbe. Moge het ons evenzo vergaan. AMEN.

Abt Thijs Ketelaars

Nieuwsbrief

Schrijf u vrijblijvend in en blijf op de hoogte van de activiteiten van Abdij van Egmond.

We respecteren uw privacy. Sint-Adelbertabdij zal uw e-mailadres nooit delen met derden.
© 2024, Abdij van Egmond Algemene voorwaarden