Sint Adelbert

Op 25 augustus 2019 werd voor de laatste maal de eucharistie gevierd in de parochiekerk van ons dorp. Met de sloop van de kerk in 2024 verdween niet alleen een gebouw dat in het hart van de gemeenschap stond, maar ging ook de naam van Adelbert, de patroon van de parochie verloren. Of zeg ik nu teveel? Misschien, want een aantal parochianen hebben er voor geijverd dat het glas en loodraam van Adelbert dat een plek in de kerk, niet verloren zou gaan. Vanmiddag wordt het officieel onthuld op een van de gevels van het appartementencomplex dat de plaats heeft ingenomen van de kerk.

Waarom dit verhaal? Omdat uit heel dit gebeuren blijkt dat tijden veranderen. Soms zijn wij daar blij mee, soms betreuren wij het. Maar een ding is zeker, wij kunnen er niet aan voorbij, ook als abdijgemeenschap, want wij leven in die wereld.

Adelbert, zijn kerk staat er niet meer, maar hij krijgt nu een plek op de buitenkant van het wooncomplex. Ik moet daarbij denken aan een woord van paus Franciscus  enige jaren geleden en aan een uitspraak van paus Leo vorige week in Madrid. Franciscus sprak over de kerk als veldhospitaal en Leo sprak tijdens de Sacramentsprocessie dat de Heer  tijdens die ommegang de kerk verliet, maar dat ook wij geroepen zijn om naar buiten te gaan en daar het evangelie handen en voeten te geven.

De kerk is uit ons dorpsbeeld verdwenen, maar dat wil niet zeggen dat Adelbert uit het dorp verdwenen is. Hij staat op de gevel, hij staat buiten, zoals hij ooit buiten op het strand stond en contact zocht te maken met de mensen die naar hem toekwamen. Hoe dat precies in zijn werk ging weten wij niet, maar uit het verdere verloop van zijn leven valt wel iets af te leiden over die eerste kennismaking. Hij is niet de zee ingeworpen en ook niet onthoofd, integendeel er was een ontmoeting die resulteerde in een levenslange  vriendschap en band.

Vandaag staat hij op de gevel, wat doet hij daar? Is het niet een stille uitnodiging om met vriend en vreemde in gesprek te gaan om een dorpsgemeenschap op te bouwen waar iedereen welkom is, gezien wordt en meegedragen? Waar niemand verloren loopt of stil en eenzaam verpietert. Was dat ook niet de boodschap van Adelbert toen hij daar zo’n 1300 jaar geleden op de kust stond, dat wij mensen niet geschapen zijn om elkaar naar het leven te staan of te negeren maar om elkaar als kinderen van de grote mensenfamilie te omarmen en leven te delen in Gods naam.

Dat verhaal is zo oud als de mens getuige de eerste bladzijden uit de Schrift, maar het is ook sinds mensenheugenis een verhaal dat op weerstand stuit en bloed doet vloeien. Want delen en vertrouwen is  iets wat je moet wagen en willen, en de tegenstemmen zijn niet van de lucht. Maar toch, onze Adelbert verdient dat wij het spoor van de waarheid volgen ook als zich obstakels of verleidingen aandienen.

Adelbert staat op de gevel zoals ooit op het strand. Hij staat voor een nieuwe uitdaging in een nieuwe tijd en wij met hem. Hoe nu het oude verhaal te vertellen en mensen te winnen voor de boodschap van het evangelie?

Als abdij hebben wij een eigen plek. Wij hebben Adelbert niet alleen als patroon, maar wij hebben ook nog een  mooie kerk, waar zijn gebeente rust. Hij staat bij ons dus niet buiten in weer en wind zoals op de gevel van het appartementencomplex. Welke boodschap ligt daarin verscholen?

Wij hoeven, dunkt mij, niet de straat op om het evangelie te verkondigen, maar wij dienen het een plek te geven in ons eigen leven. In het spoor van Adelbert die op de akker zijn vaste stek had, hier in dit huis de woorden van het evangelie en de naam van Jezus  ons hart laten bewonen. Ons laten vormen in de school van het evangelie zodat ons hart zich verruimt en met ons hart ook onze deur openstaat voor allen die aankloppen en op zoek zijn naar een plek en een gemeenschap waar zij op adem kunnen komen en woorden van leven horen voor hun eigen levensweg.

Adelbert staat op de gevel,  wij worden niet geroepen buiten te gaan staan maar de deur van ons huis en hart open te zetten voor de vele zoekenden. Dat vergt waakzaamheid naar binnen en buiten toe. Onderscheiding, geboren uit een stil en aandachtig luisteren naar de woorden van de Schrift, naar de taal van je eigen hart en naar de taal van wie aanklopt.

Waakzaamheid om de eigen roeping als dorpsbewoner te onderkennen en trouw te blijven, niet meegaan in de waan van de dag, hoe luid die zich ook laat horen, ruimte geven aan de innerlijke en uiterlijke stilte om het fluisteren van God te horen die als geen ander niet met geweld maar met zachtheid en mededogen leven geeft en wekt.

Waakzaamheid om met Adelbert die op de gevel staat niet aan mensen voorbij te zien, maar ze binnen te wenken en oog en oor te hebben voor hun vragen en verlangens, ze ook een plek te geven in ons hart en ons gebed, ze mee te nemen in de lofzang en de roep om vrede, een land van belofte, toekomst van Godswege.

Adelbert, zijn gebeente rust in ons midden. En in de vita staat van hem geschreven dat hij anderen leerde wat hij eerst zelf in praktijk had gebracht. Zo is deze feestdag voor ons primair een oproep om samen hier te bouwen aan een gemeenschap die spreekt door zelf de weg te gaan van het evangelie in de kleine en grote dingen van alledag, in spreken en zwijgen, bidden en werken. God ter eer en onze wereld tot zegen.

AMEN

 

Abt Thijs Ketelaars

Volgend artikel Bekijk het overzicht
Gastenverblijf
Een plaats van gebed en ontmoeting, van rust en stilte, waar iedereen zich thuis mag voelen en op adem mag komen.
Meer informatie