Honderdste Wereldmissiedag

Dierbare zusters en broeders,

Vandaag vieren wij Missiezondag. Dit jaar is dat bijzonder, want voor de honderdste keer wordt wereldwijd aandacht gevraagd voor de missionaire opdracht van de Kerk. Paus Leo gaf deze dag het thema: “Eén in Christus, verenigd in de missie.”

Bij het woord missie denken wij vaak aan vrouwen en mannen die naar verre landen trokken om het Evangelie te verkondigen, scholen te stichten, zieken te verzorgen en mensen nabij te zijn. Velen hebben hun leven gegeven in dienst van mensen die arm, vergeten of bedreigd waren. Ook vandaag zetten missionarissen zich wereldwijd in voor geloof, gerechtigheid, onderwijs, gezondheidszorg en vrede.

Voor hun inzet mogen wij dankbaar zijn. Maar Missiezondag gaat niet alleen over mensen ver weg. Missie begint ook dichtbij: in onze eigen omgeving, in onze gemeenschap en in ons dagelijks leven.

Jezus heeft mensen rond zich verzameld en hen geroepen tot een gemeenschap die leeft vanuit Gods liefde. De Kerk is geroepen een teken te zijn van Gods Koninkrijk: een plaats waar mensen elkaar aanvaarden, vergeven en dragen; waar armen worden gezien, bedroefden worden getroost en mensen opnieuw hoop ontvangen.

Dat betekent niet dat binnen de Kerk alles volmaakt is. Soms wordt er zo naar de Kerk gekeken. Omdat zij over God spreekt, zou binnen haar alles vlekkeloos moeten verlopen. Wanneer wij vervolgens menselijke tekorten, fouten en soms ernstig falen ontdekken, kunnen wij diep teleurgesteld raken.

Maar de Kerk is geen voltooide gemeenschap van volmaakte mensen. Zij is een volk onderweg. Zij bestaat uit mensen die telkens opnieuw moeten leren leven vanuit het Evangelie. Zij heeft voortdurend bekering, vergeving en vernieuwing nodig. De gemeenschap van Christus is nooit kant-en-klaar. Zij wordt iedere dag opnieuw opgebouwd door mensen die zich laten leiden door Gods scheppende en vernieuwende Geest.

Dat is ook onze missie: niet alleen spreken over Gods liefde, maar proberen die liefde zichtbaar te maken. Thuis, in onze gemeenschap, op ons werk en in de manier waarop wij omgaan met mensen die anders denken of leven dan wijzelf.

Paus Leo roept de Kerk daarom op haar missionaire weg met vreugde voort te zetten. Hij schrijft: Daarvoor zijn harten nodig die met Christus verenigd zijn, gemeenschappen die zich met elkaar verzoenen, en mensen die bereid zijn in vertrouwen samen te werken.

Missie begint dus niet met grote woorden of indrukwekkende plannen. Zij begint met een hart dat zich door anderen en door Christus laat raken.

Dat klinkt mooi, maar het is niet altijd eenvoudig. Wie probeert te leven vanuit het Evangelie, ontmoet soms onbegrip of tegenstand. Bovendien ontdekken wij ook in ons eigen hart krachten die ons van het Evangelie verwijderen: angst, hardheid, zelfzucht, of het eigen gelijk te willen krijgen.

Ook Jezus ontmoette weerstand. De afgelopen zondagen hoorden wij gelijkenissen waarin Hij de leiders van het volk een spiegel voorhield. Sommigen wilden zijn woorden niet aanvaarden. Zij probeerden Hem daarom in de val te lokken.

In het evangelie van vandaag sturen de farizeeën hun leerlingen samen met de Herodianen naar Jezus toe. Dat is een opvallend gezelschap. De farizeeën stonden kritisch tegenover de Romeinse overheersing, terwijl de Herodianen juist met de Romeinen samenwerkten. Gewoonlijk waren zij het bepaald niet met elkaar eens. Maar in hun verzet tegen Jezus vinden zij elkaar.

Zij beginnen met Hem te vleien: “Meester, wij weten dat Gij oprecht zijt en in alle oprechtheid de weg van God leert.” Vervolgens stellen zij hun listige vraag: “Is het geoorloofd belasting te betalen aan de keizer of niet?”

Wat Jezus ook antwoordt, het lijkt altijd verkeerd uit te pakken. Zegt Hij dat de belasting betaald moet worden, dan kan Hij de sympathie van het volk verliezen. Zegt Hij dat men niet moet betalen, dan kunnen de Herodianen Hem bij de Romeinse overheid aangeven als oproerkraaier.

Jezus doorziet hun bedoeling. Hij vraagt hun een belastingmunt te laten zien. Zij halen een denarie tevoorschijn. Op die munt staan de afbeelding en het opschrift van de keizer. Dan vraagt Jezus: “Van wie is deze afbeelding en dit opschrift?” Zij antwoorden: “Van de keizer.”

Daarop spreekt Jezus de bekende woorden: “Geeft dan aan de keizer wat de keizer toekomt, en aan God wat God toekomt.”

Jezus laat zich niet opsluiten in de tegenstelling die zijn tegenstanders Hem voorleggen. Hij erkent dat wij deel uitmaken van de samenleving en daarin verantwoordelijkheden dragen.

Wij mogen ons niet terugtrekken uit de wereld. Wij hebben plichten tegenover elkaar en tegenover de samenleving. Wij dragen verantwoordelijkheid voor vrede en veiligheid, voor de zorg voor armen en zieken, voor rechtvaardigheid en voor het welzijn van allen.

Maar Jezus voegt er iets beslissends aan toe: “Geef aan God wat God toekomt.”

Op de munt staat het beeld van de keizer. Maar welk beeld staat er in de mens gegrift? Vanaf de eerste bladzijde van de Bijbel horen wij dat iedere mens geschapen is naar Gods beeld en gelijkenis. De munt mag dan het beeld van de keizer dragen, de mens draagt het beeld van God.

Daarmee krijgt het antwoord van Jezus een veel diepere betekenis. Geef de keizer zijn munt terug, maar geef aan God uzelf. Niet een klein gedeelte van uw leven, niet alleen een gebed of een enkel uur op zondag, maar uw hart, uw verstand, uw handen en uw levenskracht. Want heel ons leven komt van God en vindt in Hem zijn bestemming.

Juist daarin ligt onze missionaire opdracht. Missie is niet allereerst anderen overtuigen. Missie is zo leven dat in ons iets zichtbaar wordt van het beeld van God. In onze aandacht voor een eenzame mens. In bereidheid om te luisteren. In een woord van vergeving. In de zorg voor de schepping. In ons verzet tegen onrecht. In de trouw waarmee wij onze dagelijkse taken verrichten.

Paulus herinnert de Thessalonicenzen eraan dat het Evangelie komt met de kracht van de heilige Geest. Zo kan de Blijde Boodschap ook  in ons leven geloofwaardig worden. Ook in onze gemeenschap: niet door volmaakte mensen te zijn, maar door ons door Christus te laten samenbrengen, fouten te erkennen en elkaar te vergeven. Zo wordt ons samenleven zelf een van de krachtigste vormen van verkondiging.

“Eén in Christus, verenigd in de missie.” Wij staan niet ieder afzonderlijk voor deze opdracht. Wij mogen haar samen dragen. De één door woorden, de ander door stille trouw. De één door zorg, de ander door gebed. De één dichtbij, de ander ver weg. Maar allen vanuit dezelfde Bron, Gods liefde en gedragen door dezelfde Geest.

Ik sluit deze overweging af met een gebed:

Goede en menslievende God,
Gij hebt ons geschapen naar uw beeld.
Vernieuw dat beeld in ons
en maak ons tot getuigen van uw liefde.

Verbind ons met Christus en met elkaar.
Maak onze gemeenschap tot een plaats
van vrede, verzoening en hoop.

Zegen allen die dichtbij en ver weg
het Evangelie verkondigen
door hun woorden en door hun leven.

En laat heel de wereld in Christus
uw bevrijdende en liefdevolle licht herkennen.

Amen.

Br. Gerard Mathijsen

Lezingen: Jesaja1+4-6, 1 Tess. 1,1-5b, Mattheüs 22,15-21

Bekijk het overzicht
Gastenverblijf
Een plaats van gebed en ontmoeting, van rust en stilte, waar iedereen zich thuis mag voelen en op adem mag komen.
Meer informatie