De Heilige Dissonant

De vertelling van de Emmaüsgangers is ons zo vertrouwd dat we er bijna vanzelf in stappen.Twee mensen onderweg. Een gesprek. Een onbekende die zich bij hen voegt. Een weg die langzaam openbloeit. En uiteindelijk een maaltijd waar brood wordt gebroken.Het lijkt een afgerond paasverhaal. Alsof alles netjes op zijn plaats valt. Maar wie goed luistert naar Lucas, merkt iets anders. Dit verhaal heeft iets van een bijzonder concert, met meerdere stemmen tegelijk. Stemmen die niet meteen samenvallen, maar elkaar kruisen, bevragen en spanning oproepen. En precies dat maakt het zo herkenbaar.

 

Ontreddering

De leerlingen zijn teleurgesteld.

Ontgoocheld. Opgebrand.

Ze zijn innerlijk ontregeld, al blijven ze wel met elkaar in gesprek. Ze lopen weg van Jeruzalem, weg van alles wat gebeurd is, op het ritme van Goede Vrijdag. Ze hadden hoop gekoesterd omwille van Jezus, maar die hoop is gekruist door de werkelijkheid van het kruis. Wat zij geloofden en wat zij meemaakten past niet meer samen.

En zo lopen ze verder — niet alleen weg van een stad, maar ook weg van hun verwachting van God. Misschien herkennen we daar iets van. Ik vermoed dat wij vandaag ook vaak meegaan in het rouwen om wat verloren is in ons leven, in de kerk, in de wereld van vandaag. Alsof we blijven hangen bij wat niet geworden is, tot we nauwelijks nog zien wat er ook is. Dat er, zoals paus Leo zei, te midden van vele tirannen nog altijd mensen zijn die blijven zoeken om als broeders en zusters te leven. Dat inzicht kan ons bewust maken van hoe bezwaard ons hart soms is, zodat we de nieuwe kansen niet meer zien. En hoe ook onze gedachten in de war kunnen raken, zoals bij de leerlingen.

Zij hadden verwacht dat Jezus hen zou bevrijden van de Romeinse overheersing, en staan dan oog in oog met het ruwe feit van kruis en graf. Zo kan ook ons geloof vast komen te zitten. Misschien het beeld dat we van jongs af aan hebben meegekregen van een almachtige Vader als een soort supergod, dat in botsing komt met het hulpeloze lijden van zoveel mensen. En dan kun je, zoals de leerlingen, de Schriften nog zo goed kennen maar ze niet meer verstaan. Een geloof dat denken wordt dat vastloopt.

Het doet denken aan de cantate van Bach ‘Bleib bei uns’  (BWV 6) — waar gedachten als stemmen langs elkaar heen bewegen en spanning oproepen. Hoop en kruis, verwachting en werkelijkheid: het schuurt.

 

De vreemdeling die meeloopt

Een vreemdeling loopt met hen mee.

Maar ze herkennen Hem niet.

Sterker nog: Hij past niet in hun verhaal. Een vreemde. Een buitenstaander. Iemand die hun wereld niet begrijpt, denken ze. En precies dat is het punt. Wat vreemd is, wat niet eigen is, wat niet in ons kader past, duwen wij vaak weg. Hoe anders zou het geweest zijn als er geen vreemdeling had meegelopen, maar iemand die hetzelfde dacht en geloofde? Dan waren de stemmen herkenbaar gebleven, bevestigend, maar zonder opening. Misschien wordt God niet gevonden in wat zeker is, maar juist in wat ons ontwapent.

Juist die vreemdeling maakt ruimte. En dat raakt aan iets wat door het hele evangelie terugkomt: Hoe vaak zet Jezus niet een vreemdeling voorop zoals de barmhartige Samaritaan, die onverwacht degene blijkt die ziet, die bewogen wordt, die handelt? De vreemdeling gaat met hen in gesprek. Hij dwingt hen haast hun pijn te verwoorden. Hij bevestigt hun gedachten niet, maar schept openheid.

Nog geen helderheid, nog geen zekerheid, maar iets begint te branden wanneer Hij de Schriften opent, wanneer Hij naast wat schuurt, de ganse partituur van hun verhaal openlegt.

‘Moest de Messias dit alles niet lijden…’

 

Aan tafel / herkenning

Dan komen ze thuis.

Ze nodigen Hem uit: “Blijf bij ons.”

Ze geven ruimte aan wat eerst vreemd was, wat hen stoorde, wat pijn doet. En precies daar gebeurt het: aan tafel, in het breken van het brood. In dat eenvoudige gebaar valt alles samen. Niet omdat alles opgelost is, niet omdat alles verklaard is, maar omdat de Verrezene wordt herkend in gastvrijheid, waarin Hij zich laat kennen. Het is Hij die de leerlingen met verlicht gemoed doet terugkeren naar Jeruzalem. Zoals de leerlingen opstaan en terugkeren, zo worden ook wij teruggestuurd naar het leven van alledag. Naar wat onvoltooid is. Naar wat schuurt. Niet met antwoorden, maar met een hart dat blijft nabranden.

 

Wat blijft

Wat blijft, is een nagalm.

‘Brandde ons hart niet?

De gast werd gastheer. Zijn woorden en daden resoneren. Misschien is dat wat lectio divina is in het monastieke leven, en niet minder in dat van elke christen: Gods  woord dat blijft naklinken en ons onderweg verandert. En dan verdwijnt Hij uit hun zicht. Geen blijvende verschijning, geen vast te houden zekerheid. Misschien is geloven niet dat alles samenvalt, maar dat zelfs de dissonanten worden opgenomen in een diepere samenhang, in een vrijmakende liefde die ons draagt.

Een heilige dissonant die blijft klinken…  en heelt. Amen.

 

Br. Paul

Lukas 24 : 13 – 35.

Volgend artikel Bekijk het overzicht
Gastenverblijf
Een plaats van gebed en ontmoeting, van rust en stilte, waar iedereen zich thuis mag voelen en op adem mag komen.
Meer informatie